Marjanne van Ginneken

tableau



Het is 22 september '11 en we praten met z’n zessen over burgerparticipatie. Ik doe eigenlijk niet mee omdat ik initiatiefnemer en gespreksleider ben. BZK heeft me gevraagd de professionalisering een impuls te geven door een begin te maken met een discussie daarover tussen vakgenoten.

Eerder heb ik wethouder Mary Fiers en hoogleraar/initiatiefnemer Paul Verweel gesproken. Zij doen inspirerende uitspraken over overheidsparticipatie, ontprofessionaliseren, aansluiten en niet overnemen, regelvrije ruimte voor professionals en zelfrelativering.

Buiten is het lekker weer. Binnen in de omgebouwde zandtrechter zijn Eric Vink, Igno Pröpper, Marjanne van Ginneken, Rinske van Noortwijk en Tamara Metze geanimeerd aan de praat.

Bij burgerparticipatie denken de Vijf vooral aan al die initiatiefnemers die Nederland een beetje beter willen maken. Onze toekomstdroom is een reflectieve en initiatiefrijke samenleving met betrokken samenredzame burgers, bedrijven en organisaties. De regie is aan burgers en de overheid houdt een oogje in het zeil.

(placeholder)
(placeholder)
(placeholder)
(placeholder)

Op weg naar die participatieve samenleving zien de Vijf voor de komende jaren drie ambities. De mogelijkheden voor participatie van individuen moeten worden vergroot. We zullen moeten investeren in oplossingsgerichte participatiemethoden. En er moet ruimte komen om ervaring op te doen met nieuwe maatschappelijke arrangementen.

Tja. Welke professionalisering is daarvoor nodig? De Vijf vinden dat we vaart moeten blijven maken met de professionalisering van beleids- en communicatiemedewerkers. Dat overheden moeten leren snel en flexibel om te gaan met initiatieven ook als ze van tijdelijk samenwerkende individuen zijn. En tot slot, daarover zijn de Vijf het helemaal eens: doorontwikkelen van en ervaring op doen met dialoogtechnieken.

Drie weken later op het symposium Verbroken verbinding of in gesprek?. De deelnemers aan de workshop Duurzame Participatie zien het verbreden en verankeren van burgerparticipatie in de gehele gemeentelijke organisatie als de ambitie voor de komende jaren. Hiervoor zijn drie zaken cruciaal: aantonen van meerwaarde, afspraken maken in managementcontracten en trainen van alle beleidsambtenaren.


Alle uitkomsten bij elkaar in onderstaand tableau Burgerparticipatie

Professionalisering


Na een eerste gedachtewisseling, zien wij als club van vijf de volgende drie speerpunten voor professionalisering:

+ Vaart houden in de professionalisering van beleidsambtenaren en communicatieadviseurs. Ook onder bestuurders en politici is meer kennis wenselijk over de meerwaarde van participatie en de mogelijkheden om daaraan vanuit de eigen rol invulling te geven. Een participatieve samenleving vraagt van professionals bij bedrijven, instellingen en  maatschappelijke organisaties een heroriëntatie op bijvoorbeeld de missie van de organisatie, de eigen rol en de benodigde participatiecompetenties. Bij alle professionals ligt de uitdaging de balans tussen regie en dienstbaarheid te actualiseren. En van co-creëren een tweede natuur te maken.

+ Doorontwikkelen van en ervaring opdoen met participatiemethoden waarin direct betrokkenen en individuen die betrokken willen worden een grote rol hebben. En met snel en flexibel omgaan met initiatieven, ook als het initiatieven zijn van individuen of tijdelijke, informeel samenwerkende individuen.

+ Doorontwikkelen van en ervaring opdoen met dialoogtechnieken om belangen te benoemen, conflicten uit te debatteren, diversiteit te verenigen, met respect te luisteren, over uitkomsten te onderhandelen, tot afspraken te komen, elkaar aan afspraken te houden. Voor zowel professioneel als vrijwillig betrokkenen. In groepen met grote diversiteit in cultuur, achtergrond, opleiding, interesse, leeftijd.

(placeholder)

Onze participatiedroom is een reflectieve en initiatiefrijke samenleving met betrokken samenredzame burgers, bedrijven en organisaties. Burgers hebben de regie en bepalen hoe teruggetreden de overheid is. De overheid signaleert en alarmeert wanneer maatschappelijke vraagstukken blijven liggen. Met maatschappelijk rendement als uitgangspunt zijn er nieuwe verhoudingen tussen mensen en tussen individuen en organisaties. Instituties zijn niet langer instituties maar organisaties van en voor de samenleving. Micro-economie is belangrijk. Veel bedrijven gaan voor maatschappelijke winst.




Buurtgovernance

en participatie

-professionals


tien tips van

Paul Verweel


1. Sluit aan bij in buurten levende onderwerpen en krachtige personen;

2. Laat het waar mogelijk over aan de kracht van de wijk zelf en neem eigen initiatief niet over;

3. Voorkom losse activiteiten door deze te laten sporen met doelen en intenties;

4. Ook mensen uit een andere buurt kunnen heel goed werk doen zolang ze aansluiten bij wat de buurt zelf wil;

5. Zorg voor regelvrije ruimte in de uitvoering zodat professionals in buurten flexibel en deels intuïtief het juiste kunnen doen;

6. Interculturele samenstelling van zowel professionele als vrijwillige (buurt)teams is een succesfactor;

7. Maak leerteams waarin professionals niet alleen individuen maar ook specifieke groepen (bijvoorbeeld 12-13 jarigen) of situaties (sporthal, naschoolse opvang) met elkaar bespreken;

8. Participatieprofessionals zullen hun middenklasse- ideologie moeten loslaten om in buurten te kunnen functioneren;

9. Werken met initiatiefnemers, in buurten leren participatiepro- fessionals door met elkaar te reflecteren vanuit praktijkervaring;

10. Werken met initiatiefnemers en initiatieven vraagt ook van professionals zelfrelativering, inlevingsvermogen en een lange adem.


Paul Verweel is hoogleraar op de 'Krajicekleerstoel' bestuurs- en organisatiewetenschap en actief in de Utrechtse wijk Hoograven


Burgerparticipatie


Wat verstaan we er wel en niet onder?


Participatie is een ruim begrip. Met journaal kijken, samen voetballen en zwerfvuil opruimen neem je betrokken deel aan de samenleving. En arbeidsparticipatie is een allerminst onbelangrijke vorm van participatie. Toch denken wij als club van vijf in de specifieke betekenis van burgerparticipatie vooral aan:

= Overheden die initiatiefnemers en initiatieven benaderen om samen beleidsambities te realiseren;

= Trajecten waarin overheden, bedrijven, instellingen, maatschap-

pelijke organisaties, verenigingen en (groepen) individuen als

partners ruimtelijke ontwikkelingen doordenken en realiseren;

= Boeren en ondernemers die met hun omwonenden in gesprek gaan  om overlast te voorkomen dan wel op te lossen;

= En … aan al die initiatieven waarmee initiatiefnemers, financiers, ondernemers maatschappelijk verschil

willen maken door iets voor de

samenleving te doen.

Hiermee zeggen we niet dat

beleidsparticipatie (meedenken,

gezamenlijk beleid maken,

meebeslissen met overheden) minder

belangrijk is. Steeds meer gemeenten

maken gelukkig op een participatieve

manier beleid.




Bestuurlijk gezien betekent de participatieambitie … loslaten

Bestuurders en professionals zullen zeggenschap verantwoordelijkheden en bevoegdheden aan bewoners moeten durven overdragen. En erop vertrouwen dat mensen daar mee om weten te gaan. Het gaat om het vinden van een nieuwe rol van de overheid en van nieuwe vormen van burgerschap. Het gaat om een nieuwe manier van met elkaar omgaan en samenwerken: vrijwillig maar niet vrijblijvend.”


De belangrijkste professionalisering is …

ont-professionaliseren

Terug naar de menselijke maat. Het gaat juist om minder bureaucratie, om andere ambtelijke competen- ties en vaardigheden, om dichtbij, durf en doen (zoals we dat in Eindhoven noemen). Van ambtenaren wordt verwacht dat zij generalisten zijn die problemen ongedeeld oppakken. Dat zij betrokken zijn en aan- sluiten bij krachten in de samenleving. Dat zij op zoek gaan naar vitale coalities met bewoners, bedrijven, instellingen en andere organisaties in de stad.”


wethouder Mary Fiers

Burgerparticipatie is voor mij vooral … een rotwoord

Ik vind overheidsparticipatie beter: de overheid doet mee aan initiatieven uit de samenleving, aan initiatieven van mensen.”

Ambitie


Met deze participatieve samenleving als inspiratie zien wij als club van vijf voor de komende jaren de volgende ambities.


De mogelijkheden voor participatie van individuen moeten worden vergroot. Door alle bezuinigingen winnen bij professionele instellingen en organisaties de institutionele belangen het te vaak van de belangen van de mensen die zij vertegenwoordigen of begeleiden. Overheden doen er goed aan op zoek te gaan naar verbindingen, relaties, lijntjes met mensen en het lef te hebben met individuen en tijdelijke organisatorische verbanden aan de slag te gaan. Voor het verrijken, uitvoeren en verbreden van initiatieven is er bovendien behoefte aan een plek waar vraag en aanbod van kennis, menskracht en financiering elkaar weten te vinden.


Het verzuilde polderen bestaat in Nederland al heel lang. Het gezamenlijk oppakken van maatschappelijke vraagstukken met 'iedereen' die wil bijdragen staat nog in de kinderschoenen. De ambitie voor de komende jaren is investeren in oplossingsgerichte participatieve methoden voor besluitvorming en uitvoering, voor regie en coalitievorming, voor gemengde projectnetwerken van vertegenwoordigers van organisaties en individuen.


Om ruimte te maken voor nieuwe maatschappelijke arrangementen gaan overheden experimenteren met echt terugtreden. Ze stappen in de procesrol van overzicht bewaren, aanjagen, versplintering agenderen, monitoren en maatschappelijke ondergrenzen bewaken. Zo zou een gemeente kunnen stoppen met haar kunst- en cultuurbeleid en een provincie met natuurbeleid, terwijl het ministerie van Infrastructuur en Milieu de ruimtelijke ontwikkeling van een bepaald gebied aan die regio zelf overlaat. Om maar eens wat te noemen. Dan kunnen we maatschappelijk leren hoe een participatieve samenleving deze vraagstukken aanpakt.

Op het Logeionsymposium 'Verbroken verbinding of in gesprek?' discussieerden de deelnemers aan de workshop Duurzame Participatie over ambities voor en professionalisering van burgerparticipatie bij gemeenten. Dé ambitie voor de komende jaren is het verbreden en verankeren in de gehele gemeentelijke organisatie. Om dit te realiseren zijn drie zaken cruciaal: aantonen van meerwaarde, afspraken maken in managementcontracten en trainen van alle professionals. Alleen zo zal participatief beleid maken voor raadsleden, bestuurders, managers, communicatie-adviseurs en beleidsmedewerkers gewoon worden.

Rinske van Noortwijk

Tamara

Metze

Igno Pröpper

Eric Vink

opgetekend door

Paul Basset